NIEUWS

Warmtenet verplicht rapporteren over duurzaamheid

15 februari 2019

Leveranciers van warmte worden verplicht om te rapporteren hoe duurzaam hun warmtenet is. Dat wordt vastgelegd in een aangepaste Warmtewet die waarschijnlijk in 2020 in werking treedt. Senior adviseur hernieuwbare warmte en koude Lex Bosselaar van RVO legt op Ensoc.nl uit hoe de uniforme methode om duurzame warmte te meten werkt.

Wat is duurzame warmte? Wil Nederland in 2050 een klimaatneutrale omgeving hebben, dan zullen warmtenetten ook CO2-vrije warmte moeten leveren. Omdat warmtebedrijven nu nog zelf bepalen of en hoe ze rapporteren over de CO2-reductie van van hun aanbod, wil de overheid rapportage over de duurzaamheid van warmtenetten verplichten volgens een vaste voorgeschreven methode. Dat is vastgelegd in aanpassingen van de Warmtewet. Naar verwachting treedt deze verplichting in 2020 in werking en moet er dus over dit jaar gerapporteerd worden hoe duurzaam de warmte in warmtenetten is.

Uitleg methode duurzame warmterapportage
Bij het voorstel van de Warmtewet is ook de methode van de rapportageverplichting gepubliceerd. Lex Bosselaar, senior adviseur hernieuwbare warmte en koude van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) legt voor energiebesparingsvakblad Ensoc uit hoe de methode werkt. In de methode is opgenomen dat de warmteleveranciers per warmtenet moeten gaan rapporteren over duurzaamheid. Dat betekent de CO2-uitstoot per geleverde GJ, het aandeel hernieuwbare warmte en het primaire energiegebruik per geleverde GJ. Dit wordt nog aangevuld met het aandeel restwarmte, alldus Bosselaar.

Uitgangspunten methode
De methode van de rapportageverlichting sluit aan bij de EMG-methode die in het Bouwbesluit is aangewezen, de NEN7125, en ook bij de Nederlandse Technische Afspraak 8800 (NTA 8800) die wordt uitgewerkt. Een groot verschil is dat het bouwbesluit uitgaat van geplande warmtenetten en de verwachte prestaties. In de rapportage moet gerapporteerd worden over de realisatie in het jaar waar de rapportage over gaat. Een aantal uitgangspunten in de rapportage zijn:

  • Aan hernieuwbare bronnen wordt geen CO2 toegerekend (het is geen LCA-methode).
    Voor warmte uit een WKK (of aftapwarmte uit een elektriciteitscentrale) wordt de aftapmethode gebruikt. Dus de gederfde elektriciteit  wordt toegerekend aan de warmtelevering. Hierbij wordt uitgegaan van de CO2-uitstoot van de eigen WKK.
  • Voor hernieuwbare warmte geldt de definitie zoals die in het protocol monitoring hernieuwbare warmte is opgenomen.
  • Voor restwarmte geldt de definitie zoals die in de richtlijn hernieuwbare energie van de EU (update uit 2018) is opgenomen. Warmte uit een WKK of aftapwarmte is dan geen restwarmte.

Lees Ensoc.nl voor verdere toelichting over de verplichte duurzaamheidsrapportage door RVO-adviseur Lex Bosselaar. Of wilt u zelf dieper in de duurzaamheid van warmtenetten duiken? Meld u dan nu aan voor de Examenopleiding Energieconsulent!

Energie Talent Award 2017

02 juni 2017

Ook deze editie van de vakbeurs Energie krijgen aanstormende energietalenten de kans om zichzelf en hun innovatieve projecten onder de aandacht te brengen.

Meer lezen

Aandeel duurzame energie groeit amper

02 juni 2017

Het energieverbruik uit hernieuwbare bronnen in Nederland is in 2016 uitgekomen op 5,9 procent. Dit aandeel is vrijwel even groot als het jaar daarvoor.

Meer lezen

Stichting
Post Hoger Onderwijs Energiekunde

Johannes Geradtsweg 17b
1222 PK Hilversum

035 - 683 88 33
info@phoe.nl

© WAT-communicatie